Stikstof – Het roer moet om!

Vastlopend beleid

Toen de Raad van State het Programma Aanpak Stikstof (PAS) in 2019 van tafel veegde, dreigde de Nederlandse economie op slot te gaan. Ineens waren woningbouwprojecten, infrastructurele werkzaamheden, nieuwe bedrijvigheid en uitbreidingen van bestaande bedrijven niet meer (zomaar) vergunbaar. Twee jaar later is de stikstofproblematiek verre van opgelost.

Probleem is dat de natuur lijdt onder te veel stikstofdepositie. In bijvoorbeeld de duinen is het resultaat goed zichtbaar: grassen en bramen woekeren en biodiversiteit gaat verloren. Nederland heeft de verplichting om de Nederlandse Natura 2000-gebieden te beschermen en te behoeden voor achteruitgang. Daar wringt de schoen: de verplichting om natuur in stand te houden heeft verstrekkende gevolgen.

Nieuwe wending: ook bestaande vergunningen staan ‘op de tocht’

Tot voor kort was stikstof vooral een probleem bij vergunningverlening voor nieuwe activiteiten. Eenmaal vergund had een bedrijf of project zekerheid. Milieuorganisaties richten zich inmiddels echter ook op bestaande vergunningen, waarbij ze via de rechter de overheid willen dwingen deze in te trekken. En dat doen ze met toenemend succes, daar waar de overheid niet aan kan tonen dat natuurbehoud of -verbetering door andere maatregelen verzekerd is. Voor zover dat nog niet duidelijk was, laat nieuwe jurisprudentie zien dat een drastische aanpak van het stikstofprobleem noodzakelijk is. Die aanpak moet twee elementen bevatten: een stevig natuurprogramma enerzijds en een aantal impopulaire maatregelen om de uitstoot van stikstof te beperken anderzijds. We lichten beide hieronder toe.

Oplossingsrichting 1: Een stevig natuurprogramma

Het afgelopen jaar zijn meerdere onderzoeken verschenen waaruit blijkt dat het niet goed gesteld is met de kwaliteit van de Nederlandse natuur. Uit schattingen blijkt dat 90% van de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden te maken heeft met te veel stikstof (Commissie Remkes – niet alles kan overal, 2020). De slechte staat van de natuur laat zien dat het huidige natuurprogramma tekort schiet (WNF – Onderzoek naar een ecologisch noodzakelijke reductiedoelstelling van stikstof, 2021).

Juridisch gezien is er onderscheid tussen maatregelen gericht op natuurherstel en maatregelen gericht op compensatie voor (nieuwe) economische ontwikkelingen. Compenseren voor economische ontwikkelingen kan alleen als natuurherstel in de basis geborgd is.

Daarom moet er een zeer stevig natuurprogramma komen dat snel inzet op behoud en herstel van de natuur. Voorbeelden van dergelijke maatregelen zijn: aanleg van extra natuur, intensiever beheer en meer overgangszones tussen landbouw en natuurgebieden. Hiermee krijgt de natuur de ruimte om te herstellen. Het eerste pakket aan natuurmaatregelen dat is vastgesteld onder de wet stikstofreductie en natuurherstel verdient verdere versterking. Zolang er hoge stikstofemissies zijn, is het echter dweilen met de kraan open.

Daarom zijn ook harde keuzes ten aanzien van stikstofreductie noodzakelijk, zie oplossingsrichting 2.

Oplossingsrichting 2: Moeilijke keuzes maken

Zoals gezegd: ook met een stevig natuurprogramma is het dweilen met de kraan open zolang de bestaande stikstofemissies niet worden teruggedrongen. Deze emissies blijven neerslaan in de natuur totdat deze bij de bron worden aangepakt. Tot nu toe is stikstofreductie ingezet op basis van vrijwilligheid: een opkoopregeling voor boeren bedrijven op basis van vrijwilligheid, subsidies voor walstroom voor de scheepvaart, het bij elkaar brengen van vraag en aanbod van stikstofruimte, enzovoorts. Met vrijwilligheid redden we het niet. Er is ruimtelijke sturing nodig. Erisman en Strootman stellen voor om bijvoorbeeld gericht in de Gelderse Vallei aan de slag te gaan omdat daar een hoge concentratie van uitstoot is die effect heeft op heel Nederland vanwege de centrale ligging. Hiervoor zullen overheden impopulaire keuzes moeten maken. Denk hierbij aan intrekken van lopende vergunningen, gedwongen opkoop onteigening) van bedrijven, of het fors inkrimpen van de veestapel. Dit soort maatregelen was een jaar geleden nog onbespreekbaar. Inmiddels is er steeds meer noodzaak het roer om te gooien.

Een wenkend toekomstperspectief

Harde keuzes zijn nodig, maar het is niet alleen kommer en kwel. Nederland kan sterker uit de stikstofcrisis komen door een aantal fundamentele problemen aan te pakken. Goed natuur- en stikstofbeleid draagt bij aan een weerbare en diverse natuur. Een integrale benadering van de stikstofproblematiek, waarbij de overheid ook kijkt naar koppelkansen bij andere verduurzamingstransities, leidt uiteindelijk wel tot een toekomstbestendiger en mooier landschap. Door financiële middelen en kennis te bundelen kan de overheid deze transities versnellen. Een schonere landbouw lost niet alleen het stikstofprobleem op, maar ook vraagstukken op het gebied van nitraat, waterkwaliteit, biodiversiteit en voedselveiligheid. De overheid moet hiervoor in ieder geval de nodige middelen beschikbaar stellen en perspectief bieden om draagvlak te vergroten. Een mooie opdracht voor het nieuwe kabinet!

VIEW12 afbeelding Stikstof

Bent u verder benieuwd naar de inzichten van Sophie? Neem dan contact met haar op. Dit artikel is onderdeel van ons onlangs verschenen VIEW#12 – Land in Zicht. Deze kunt u hier verder lezen.

Vinu.nl maakt gebruik van tracking-cookies. Hiermee worden anonieme gegevens over uw bezoek opgeslagen om de website en uw ervaring te verbeteren.